• British flag
  • Drapeau Français

Leven te voet...

13 July 2014

Medio juni werd Henriëtte benaderd door Belgische studenten van een hogeschool om antwoord te geven op een aantal vragen over hoe zij het reizen te voet in Congo heeft ervaren. De studenten maakten een werkstuk in het kader van een project Wereldorientatie voor basisschoolleerlingen. Ze waren Henriëtte op het spoor gekomen n.a.v. haar blog op http://henriettekikken.blogspot.nl/. De studenten hadden zelf ook vier dagen alle reizen te voet afgelegd. 'Ons leven zag er helemaal anders uit tijdens dit project. Het heeft ons doen nadenken hoe het zou zijn als er geen auto’s bestonden.'

Onderstaand de antwoorden aan de studenten (verwerkt in hun eindwerkstuk):

“In Congo had ik in het werkgebied waar we met stichting Bondeko actief zijn, geen keuze. Van het ene naar het andere dorp is er slechts een heel smal pad. Het enige vervoersmiddel is dan een (motor)fiets en zeker geen auto. In het oerwoud naar de pygmeeënkampen is er vaak ook geen pad. De pygmeeën weten de weg en de enige mogelijkheid om een kamp te bezoeken is samen met hun door het oerwoud te trekken. Ik zou anders zeker verdwalen. De pygmeeën lopen met een enorme snelheid en leggen enorme afstanden af. Echt ongelofelijk. Het zijn verzamelaars (en jagers) en ze zijn voortdurend op zoek naar eetbare zaden, vruchten, honing, maden etc. Lopen is voor hun dus niet alleen een bezigheid om van de ene naar de andere plek te komen, maar ook noodzakelijk om in hun voedsel te kunnen voorzien. Hun lichaam is hieraan aangepast. Ze hebben relatief grote en ook brede voeten. Ze lopen overigens  op blote voeten.
Ik heb enorm veel respect gekregen voor de levenswijze van de pygmeeën. Waar ik me zorgen over maak, is dat ook zij zich zullen moeten aanpassen aan de (klimatologische) veranderingen. Ze kunnen geen verzamelaars blijven en zullen bijvoorbeeld hun voedsel moeten gaan verbouwen.  Ik probeer ze dankzij Bondeko, door onderwijs en gezondheidszorg te helpen in deze zoektocht.
Op mijn eerste tocht had ik veel te weinig water meegenomen. In de tropische temperaturen droogde ik uit. Dat was echt afzien. De pygmeeën boden me water aan dat was opgeslagen in bamboestengels. Heerlijk was dat. Ik weet dat ik na die tocht wel 8 kleine bananen heb gegeten.  De koolhydraten moesten ook nodig worden aangevuld. Inmiddels pak ik dat wat anders aan. Voor deze tochten neem ik isotone dorstlessers mee (tabletten die ik oplos) en beter te veel vocht en koolhydraten bij de hand dan te weinig.
Het oerwoud is heel waterrijk. Dat betekent dat we regelmatig een stroompje moeten oversteken. Schoenen uit, tropenbroek afritsen (heel handig als dat kan) en dan in het water het evenwicht proberen te bewaren. Nog niet zo makkelijk.
Ik had voorheen in Nederland wel een aantal keren een lange tocht gelopen van meer dan 60 km. Ik houd van duursport en uitdagingen op dit vlak, maar ik ben eigenlijk meer een fietser dan een wandelaar. Ik neem dus ook sneller de fiets. Voor mijn werk moet ik zo’n 45000 km per jaar rijden, maar ik fiets ook ongeveer 12000 km per jaar (racefiets en mountainbike).
Het heeft me veel vertrouwen gegeven in mijn lichaam. Ik weet dat ik kan doorzetten en mijn lichaam reageert als een kat met 9 levens. Ik heb nog nooit meegemaakt dat mijn tank echt leeg was. Iedere keer weer weet ik nog energie aan te boren om door te gaan.
Ik vind het belangrijk dat mensen in beweging zijn. Dat is goed voor de gezondheid, helpt tegen overgewicht en draagt bij aan een duurzame wereld. Daar zet ik me voor in, ook omdat ik weet dat ik met dat laatste (duurzaamheid) ook de pygmeeën help voor hun toekomst. En zo is de kring weer rond....”

Bondeko Nieuwsbrief